Onze tuin en het ontstaan
Een mogelijke definitie van een tuin kan zijn: een stuk afgesloten grond waar siergewassen, groenten of kruiden worden verbouwd, wat zowel voor eigen gebruik kan zijn als voor (grote) productie.
De eerste akkertjes ontstonden, toen de eerste vaste woonplaatsen werden vastgelegd. Om vernieling door bijvoorbeeld dieren te voorkomen, werden deze omheind met behulp van stekelige planten. Zo’n omheining kreeg de naam ‘tuin’ of ‘tuun’, terwijl tegenwoordig dat de naam is van het terrein zelf. Bij de bouw van een klooster werden er grote omheinde tuinen aangelegd, zodat de monniken medicinale kruiden konden verbouwen bij het klooster zelf.
Tegenwoordig zijn tuinen vaak door een schutting of een heg afgesloten en is de belangrijkste functie niet meer om voedsel te verbouwen. Nu is de tuin vaak een plek waar men zijn rust in kan vinden en kan ontspannen in zijn eigen persoonlijke omgeving. Sinds het verdwijnen van de functie als plek om voedsel te verbouwen, is er een grote markt voor tuinmeubelen en siergewassen ontstaan. De mensen zien deze plek steeds meer als het verlengde van hun huiskamer en steken hier dus vaak veel tijd en geld in.
Er zijn verschillende soorten tuinen. Zo heb je op het gebied ‘plantentuinen’ de moestuin, de kruidentuin en de botanische tuin. In de zogehete moestuin worden groenten verbouwd die voor eigen gebruik moeten dienen. Deze tuin is over het algemeen een onderdeel van een tuin en beslaat vaak niet de gehele tuin. De overige plekken dienen dan als siertuin. Wanneer groenten worden verbouwd op een stuk grond dat niet bij de woning ligt, spreek je van een volkstuin. Deze volkstuinen dienen als een uitkomst voor mensen die wel van tuinieren houden, maar zelf geen tuin tot hun beschikking hebben.
Een kruidentuin wordt gebruikt voor de groei van tuinkruiden en kruiden met een medicinale werking. De botanische tuin, ook wel hortus botanicus genoemd, heeft als doel om verschillende planten te bewaren, maar ook om te zorgen dat deze specifieke soorten niet uitsterven.
Behalve verschillende soorten plantentuinen zijn er verschillende soorten stijlen tuinen. Voorbeelden hiervan zijn de Engelse tuin, de Japanse tuin en de Franse tuin. Deze tuinen kenmerken zich door de eigenzinnige architectuur die de tuin typeert. De Japanse tuin komt voor bij eigen stukken grond en publieke gebouwen. Denk hierbij aan wijken, stadsparken en tempels.
De meest voorkomende planten die in een Japanse tuin groeien zijn bamboe, Japanse esdoorn en varens. Elementen die men tegen kan komen in deze tuin zijn theehuisjes, lantaarns en bruggen. Wat kenmerkend is voor de Engelse tuin is dat het voornamelijk gericht is op het landschap. Er wordt geen symmetrie in aangelegd, omdat de Engelsen vroeger van mening waren dat de natuur haar eigen gang moest kunnen gaan.
Water is een belangrijke factor bij het aanleggen van deze tuin. De grote tegenhanger van de Engelse tuin is de Franse tuin. Bij deze tuin wordt er aan symmetrie en verzorging van de verschillende planten en struiken een grote waarde wordt gehecht. Deze tuinen zijn ook tegenwoordig nog in veelvoud te vinden. De bekendste Franse tuin is de tuin die vroeger is aangelegd bij het Château de Versailles. Deze tuinaanleg werd gedaan door de tuinarchitect van de koning. |